Verwarm de oven voor op 200 graden. Schil de zoete aardappel en snijd hem in blokken van twee centimeter. Snijd de paprika in brede repen. Verdeel alles over een bakplaat, besprenkel met een eetlepel olijfolie, bestrooi met zout en peper en rooster vijfentwintig minuten tot de randen karamelliseren.
Snijd intussen de knoflook in dunne plakjes en de rode peper in ringetjes. Dep de gamba's goed droog, want natte garnalen koken in plaats van bakken.
Verhit de rest van de olijfolie in een koekenpan op matig vuur en laat de knoflook en de rode peper er langzaam in trekken tot de knoflook lichtgoud kleurt. Laat hem niet bruin worden, dan wordt hij bitter en overheerst hij het gerecht.
Zet het vuur hoog, voeg de gamba's toe en bak ze twee minuten per kant tot ze net oranje en stevig zijn. Haal de pan direct van het vuur; doorgebakken garnalen worden rubberig. Schep de gamba's met alle knoflookolie over de geroosterde groenten, knijp er citroen over en strooi er grof gehakte peterselie op.