Spoel de quinoa af onder koud water en kook hem in ruim water met zout in twaalf tot vijftien minuten gaar, tot de kiempjes zich losmaken. Giet af en laat uitdampen en afkoelen in een zeef.
Snijd de tomaten en komkommer in kleine blokjes en de rode ui zo fijn mogelijk. Hak een flinke bos peterselie en wat munt grof. Meng alles door de afgekoelde quinoa met twee eetlepels olijfolie, het sap van een halve citroen, zout en peper. Een echte tabouleh bestaat voor het grootste deel uit kruiden en groente, met het graan als bijrol, en dat past precies bij een beperkte hoeveelheid langzame koolhydraten.
Dep de makreelfilet droog en bestrooi de velkant met zout. Verhit de rest van de olijfolie in een koekenpan tot hij goed heet is en leg de vis met het vel naar beneden in de pan. Druk hem de eerste seconden licht aan zodat het vel plat blijft en bak drie minuten tot het knapperig is.
Keer de makreel en haal de pan meteen van het vuur; de nawarmte gaart hem in een minuut verder. Serveer de vis op de tabouleh met een partje citroen. Makreel is een van de vetste vissoorten en levert daarmee flink wat omega 3.