Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius. Was de zoete aardappel en snijd deze, met de schil er nog aan, in gelijkmatige frieten. Pel het teentje knoflook en snijd of hak dit zo fijn mogelijk. Snijd de citroen in partjes en leg deze alvast klaar voor de opmaak.
Schep de zoete aardappelfrieten om met één eetlepel olijfolie. Verdeel ze vervolgens over een bakplaat en zorg dat ze naast elkaar liggen voor een gelijkmatige garing. Schuif de bakplaat in de oven en rooster de aardappel in vijfentwintig minuten gaar.
Wrijf het kabeljauwhaasje in met peper en leg de vis in een klein ovenschaaltje. Plaats dit schaaltje de laatste twaalf minuten van de baktijd naast de frites in de oven. Verhit vlak voor het einde van deze baktijd de resterende eetlepel olijfolie in een koekenpan. Fruit de fijngesneden knoflook kort aan, voeg direct de zeekraal of lamsoren toe en wok het geheel in maximaal twee minuten warm en knapperig.
Neem de zoete aardappel en de gegaarde kabeljauw uit de oven. Verdeel de warme frites en de gewokte zeekraal over de borden. Leg het kabeljauwhaasje er netjes naast of bovenop en serveer het gerecht direct met de achtergehouden partjes citroen.