Was de paksoi en snijd deze in reepjes. Snijd het lente-uitje in fijne ringen en rasp de verse gember. Dep de kabeljauwfilet droog met keukenpapier.
Verwarm de dashi of groentebouillon in een pan op middelhoog vuur. Voeg de witte misopasta toe en roer goed door tot de pasta volledig is opgelost. Meng de geraspte gember erdoor en breng de bouillon zachtjes tegen de kook aan, zonder het vocht hevig te laten borrelen.
Leg de kabeljauwfilet in de hete bouillon en pocheer de vis in totaal vijf minuten. Voeg na drie minuten de reepjes paksoi toe aan de pan, zodat deze de laatste twee minuten zachtjes kunnen meekoken. Haal de pan van het vuur zodra de vis in mooie stukken vlokt en de groente iets geslonken is.
Schep de kabeljauw en de paksoi voorzichtig uit de pan en leg dit in het midden van een diep bord. Giet de warme misobouillon erbij. Garneer het gerecht met de ringetjes lente-ui, het sesamzaad en de sesamolie.