Meng het boekweitmeel met het ei en een scheutje water tot een glad beslag. Klop eventuele klontjes goed weg. Was de komkommer en de halve venkel en snijd beide groenten in zeer dunne plakjes of reepjes. Pluk de gerookte makreel in grove stukken en controleer zorgvuldig op eventuele achtergebleven graatjes.
Verhit een koekenpan met antiaanbaklaag op middelhoog vuur. Giet kleine porties van het beslag in de hete pan om meerdere pannenkoekjes te vormen. Bak de pannenkoekjes ongeveer twee tot drie minuten per kant, totdat de randen droog zijn en beide kanten een lichtbruine kleur hebben. Haal ze uit de pan.
Verdeel de warme pannenkoekjes over de borden. Beleg ze als eerste met de fijngesneden plakjes komkommer en de reepjes venkel. Verdeel daarna de geplukte stukken gerookte makreel gelijkmatig over de groenten op de pannenkoekjes.
Serveer het gerecht direct nu de pannenkoekjes nog op temperatuur zijn.