Begin met de voorbereiding van de vis en de groenten. Hak een deel van de verse dille en de peterselie fijn. Wrijf de wilde zalmfilet in met een beetje olijfolie en druk de fijngehakte kruiden stevig op de vis. Snijd de halve venkelknol, de halve komkommer en de vier radijsjes met een mandoline in flinterdunne plakjes. Houd nog een beetje dille achter voor de garnering.
Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius of gebruik een koekenpan op het fornuis. Bak de gekruide zalm in acht tot tien minuten gaar. Zorg ervoor dat de vis niet uitdroogt en vanbinnen nog sappig blijft. Haal de zalm uit de pan of oven en leg deze even apart.
Maak de dressing door de eetlepel tahini, het sap van de halve citroen en een eetlepel water in een ruime kom te mengen. Voeg een snufje komijn en wat zeezout toe en klop het geheel tot een gladde massa. Doe de gesneden venkel, komkommer en radijs in de kom en schep alles goed door elkaar, zodat de dressing zich gelijkmatig over de groenten verdeelt.
Verdeel de frisse salade over een bord. Leg de warme, gegaarde wilde zalm er in zijn geheel bovenop. Garneer het gerecht ten slotte met de achtergehouden verse dille en serveer direct.