Dep de kabeljauwfilet droog met keukenpapier en bestrooi aan beide kanten met het zeezout en de versgemalen zwarte peper. Snijd de broccoli in kleine roosjes. Boen de halve biologische citroen schoon, rasp de schil en pers het sap uit. Hak de verse dille fijn.
Breng een bodem water aan de kook in een pan en plaats hierin een stoommandje. Stoom de broccoliroosjes met gesloten deksel in vijf tot zeven minuten beetgaar. Haal de broccoli direct uit de pan en zet apart. Verhit ondertussen de olijfolie in een koekenpan op middelhoog vuur. Leg de kabeljauw in de pan en bak deze drie tot vier minuten aan één kant. Draai de filet voorzichtig om en bak de andere kant nog twee tot drie minuten tot de vis ondoorzichtig en gaar is.
Neem de koekenpan van de warmtebron. Giet het geperste citroensap direct over de warme kabeljauwfilet heen.
Leg de gebakken vis op een bord en verdeel de gestoomde broccoli ernaast. Bestrooi het gerecht met de fijngehakte dille en de geraspte citroenschil en dien meteen op.