Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een ovenschaal in met een klein beetje van de olijfolie. Maak de twee venkelknollen schoon, verwijder de harde kern en snijd ze in zo dun mogelijke plakken. Verdeel de gesneden venkel in een gelijkmatige laag over de bodem van de schaal.
Leg de witvisfilet op de laag venkel. Bestrooi de vis met kurkuma, peper en een snuf Keltisch zeezout. Dek de gekruide witvis af met de vier schijfjes citroen en leg de takjes verse dille erop. Besprenkel het geheel tot slot met de resterende olijfolie.
Dek de ovenschaal strak af met aluminiumfolie en plaats deze in het midden van de warme oven. Bak de vis in vijftien tot achttien minuten gaar. Verwijder vijf minuten voor het einde van de baktijd de folie, zodat overtollig vocht kan verdampen en het gerecht een betere structuur krijgt.
Haal de schaal uit de oven zodra de witvis volledig gaar is en makkelijk uit elkaar valt. Verdeel de zachte venkel en de warme witvis direct over de borden en serveer meteen.