Verwarm de oven voor op 210 graden. Schil de flespompoen, verwijder de zaden en snijd het vruchtvlees in blokken van zo'n drie centimeter. Meng ze op een bakplaat met twee eetlepels olijfolie, het komijnpoeder, het gerookte paprikapoeder, zout en peper.
Rooster de pompoen vijfentwintig tot dertig minuten, tot de blokken zacht zijn en donkere randen hebben. Schep halverwege om. Die geroosterde randen zijn het hele punt: daar concentreert de natuurlijke zoetheid van de pompoen zich, en juist dat contrast maakt de zoute feta straks op zijn plek.
Snijd intussen de rode ui in flinterdunne halve ringen en zet ze vijf minuten in een kommetje met de appelazijn en een snuf zout; zo verliezen ze hun scherpte en worden ze knapperig fris. Rooster de pompoenpitten in een droog pannetje tot ze beginnen te knappen.
Meng de lauwwarme pompoen met de rucola en de ui met het azijnvocht. Besprenkel met de laatste olijfolie.
Verkruimel de feta erover en werk af met de pompoenpitten, veel peterselie en een draai zwarte peper.