Verwarm de oven voor op 200 graden. Dep de kipdijen kurkdroog en bestrooi het vel royaal met zout. Vocht op het vel verdampt in de oven eerst en houdt de temperatuur daar rond het kookpunt vast, waardoor het vel slap blijft; een droog, gezouten vel begint meteen te bruinen en wordt knapperig.
Verhit een eetlepel olijfolie in een ovenvaste koekenpan en leg de kipdijen met het vel naar beneden in de pan. Bak ze zes tot acht minuten op matig vuur zonder ze te verplaatsen, tot het vel goudbruin en stevig is. Draai ze om en haal ze even uit de pan.
Snijd de rode ui in parten en pluk de druiven van de tros. Doe ze in de pan met het achtergebleven bakvet, de geplette tenen knoflook, de rozemarijn, de tijm, de balsamicoazijn en een eetlepel olijfolie. Leg de kip er met het vel naar boven bovenop en schuif de pan vijfentwintig minuten in de oven. De druiven barsten open en hun sap kookt in tot een stroperige jus.
Kook intussen de zilvervliesrijst in vijfentwintig minuten beetgaar in ruim water met zout. Het intacte vlies vertraagt de vertering, waardoor je bloedsuiker veel geleidelijker stijgt dan bij witte rijst.
Kook de haricots verts vijf minuten beetgaar en bak ze kort met de laatste olijfolie en de grofgehakte amandelen. Serveer alles samen met de jus uit de pan.